×
home architectenbureau woningcorporatie gemeente projectontwikkelaar actueel downloads award

“Nederland is toe aan een grand plan”

image
De waternood in Limburg in juli is voor velen een wake-up-call, maar niet voor landschapsarchitect en Limburger Nico Tillie. De ramp bevestigt nog maar eens dat een natuurinclusieve revolutie onomkeerbaar is. Maar de realiteit is weerbarstig en er blijven nog veel kansen liggen. Als jurylid van de Award Natuurinclusief Bouwen & Ontwerpen hoopt Nico daarom op inzendingen die de wereld sneller zullen veranderen.

Wie: Nico Tillie
Wat: Urban Ecology & Landschapsarchitectuur TU Delft
Focus: De leefbare stad
Hoop: De creativiteit van de nieuwe generatie

Nico Tillie

Waar let je op als jurylid van de Natuurinclusief Bouwen Award
Nederland is toe aan een grand plan, maar dat zullen we samen moeten maken. Met specialisten die hun kennis op nieuwe manieren en terreinen gaan inzetten. En nieuwe ideeën die allemaal iets bijdragen aan het grotere geheel. Neem de energietransitie. Die bereiken we niet door alleen windmolens en zonneparken neer te zetten; we moeten werkelijk alles uit de kast halen. Zo is ook natuurinclusief bouwen meer dan een nestkast en een groen dak. Ik kijk dus vooral naar inzendingen die boven het bouwniveau uitstijgen. Hoe passen die plannen in de omgeving en hoe maken we de gewilde kwaliteiten daar sterker?

Ik ken een project waarbij een aantal plaggen van lokale grond op het dak wordt gelegd, inclusief bodemleven. Dat betekent bijvoorbeeld meer insecten en wormen en dus meer vogels. Zo’n daktuin doet meer voor de natuur dan de huidige groene daken. Ook in de directe omgeving zijn er kansen die we nu laten liggen. Waarom in een natte diepe polder eerst twee meter zand storten voor het bouwen begint? Dat is oud denken. Met de kennis van nu zouden we er of niet moeten bouwen of meteen drijvend. De nieuwe natuur ligt zo voor het oprapen. Als we beginnen met anders te durven denken, komt de rest vanzelf.

Welke rol speelt natuurinclusiviteit volgens jou?
Natuur is een voorwaarde voor het leven zelf, ook in de stad. Maar daar ligt het natuurlijke ecosysteem flink overhoop. Toch kun je daar, als je aan de knoppen draait, veel veranderen. En dat niet alleen op het niveau van gebouwen. Ook een stuk stoep zou bijvoorbeeld een ecosysteem kunnen zijn als we de inrichting daarvan anders benaderen. En dat zouden we met alles kunnen doen in de bebouwde omgeving. Het dak van een gebouw kan ook een natuurlijke akker zijn of een ecoduct tussen twee stadparken, bijvoorbeeld. En een laan kan een langgerekt park of bos worden. Het vergt alleen andere keuzes; een ander perspectief.

Als Nederlanders houden we van netjes. Tegelijkertijd beseffen we steeds meer dat we natuur nodig hebben. Maar het één hoeft het ander echter niet uit te sluiten. We kunnen plekken maken waar de natuur haar gang kan gaan, maar wel binnen een keurig kader. Een vlonderpad door een wild rietland, bijvoorbeeld. Of een strakke rand om een woest bos. Zo komen we toch tegemoet aan onze behoefte het netjes en overzichtelijk te hebben.

Wat is jouw achtergrond?
Ik groeide op in Maastricht, vlakbij de rotstuin van Bèr Slangen. Ik was daar bijna iedere dag te vinden en leerde daar veel over natuurlijke ecosystemen, planten, tuinieren en composteren. Nadat Bèr in 2001 overleed, liet hij de tuin na aan mij. De stadse oase van circa 200 vierkante meter wordt nu beheerd vanuit een stichting. Mijn ervaring in de tuin bracht me bij de studie plantenwetenschappen in Wageningen. Ik werkte onder andere in de botanische tuin van Londen, Kew Gardens, en specialiseerde me in plantenveredeling. Toch zag ik een toekomst in een laboratorium niet zitten en besloot ook nog landschapsarchitectuur te studeren. Ik werkte jarenlang bij de afdeling stadsontwikkeling van Rotterdam, waar ik me bezighield met groenplannen, klimaat en duurzaamheid. Na mijn promotieonderzoek over ‘Synergetic urban landscape planning’ ging ik lesgeven aan de TU in Delft. Sinds vorig jaar ben ik daar hoofdonderzoeker Urban Ecology. Deze nieuwe onderzoeksgroep werd geïnitieerd en gefinancierd door Vogelbescherming Nederland. Een mooie klus, want Nederland is een van de meest verstedelijkte landen ter wereld. Hier valt dus veel te winnen.

In hoeverre houd jij je bezig met natuurinclusiviteit?
Mijn vak Urban Ecologie was lange tijd niet echt populair, maar is de laatste jaren in een stroomversnelling gekomen. Samen met mijn studenten onderzoeken we de stedelijke omgeving. Daarbij kijken we naar verschillende lagen. Van bodem, waterhuishouding, aanwezige habitats tot klimaat en de cultuur van stedelijke processen. Deze condities bepalen de lokale ecosystemen en de habitats voor soorten. We hebben hier op de campus een aantal projecten lopen, van oevervegetatie tot groene daken. De mobiele groene muren, waarop diverse soorten munt groeit, is een leuk aansprekend project. En we leggen een veentuin aan om snel veel veenmos te laten groeien dat water vasthoudt en CO2 opslaat. Dit soort hands-on projecten geven mijn studenten een tastbaar idee waar ze mee bezig zijn. En ze zijn heel zichtbaar, dus vergroten het bewustzijn. Ik word wel blij van de huidige generatie studenten. Ze zijn kritisch en creatief. En ze gaan echt niet meer aan de slag bij bedrijven of organisaties die niet meegaan in de groene omslag of alleen aan greenwashing doen.

Hoe ziet de toekomst eruit?
Klimaat, energietransitie en waterkwaliteit zijn al jaren onderwerp van discussie, maar ik vond lange tijd dat we achter de feiten aanliepen. Biodiversiteit en gezondheid staan nu gelukkig ook steeds meer op de agenda. Er is een omslag in het denken. Belangrijkste voorwaarde voor succes is ruimte voor creativiteit. In mijn lezingen gebruik ik beelden van de huizen uit The Hobbit of Teletubbies. Fantasiegebouwen die deels onder de grond liggen en onderdeel zijn van het natuurlijke landschap. Dit soort ontwerpen prikkelen de verbeelding en halen ons weg bij het aloude huisje-boompje-beestje-denken. En dat is nodig om tot nieuwe oplossingen te komen. Initiatieven zoals Nieuw Natuurrijk Nederland zijn hoopvol. De betrokken Landschapsarchitect Rob Roggema en zijn team met ontwerpers en economen hebben een nieuwe kaart voor Nederland getekend. Daarin bestaat ons land voor groot deel uit natuur, maar ook wonen en landbouw. Dat is geen utopie maar een goede voorzet met allerlei in elkaar geschoven functies, zoals waterrijke stadskransen met recreatie bij woonkernen. Daar zou ons GFT afval bijvoorbeeld ook kunnen dienen als voer kan dienen voor kippen en varkens. Kortom; circulariteit, klimaat adaptatie, energietransitie, biodiversiteit, gezondheid, wonen en landbouw worden allemaal toekomstgericht vanuit de regionale en nationale schaal aangevlogen en lokaal uitgewerkt. Daarbij is het synergetisch plannen en ontwerpen cruciaal!

Een grootschalige transformatie zoals Nieuw Natuurrijk Nederland voorstaat, zou de problemen met biodiversiteit, water en stikstof grotendeels oplossen. De inrichting baseren ze op het verleden, want niet alles hoeft anders of nieuw te zijn. Vroeger had bijvoorbeeld ieder gebied een eigen bouwstijl waarbij gebruik werd gemaakt van streekgebonden bouwmaterialen. Zo vond je bijvoorbeeld in Limburg geen boerderijen met rieten daken. Een student van mij onderzocht de toekomstige boerderij van het groene hart. Het combineren van nieuwe en traditionele manieren van bouwen levert interessante inzichten op. Deze worden door steeds meer architecten opgepikt.

Tekst: Marietta Nollen. Redactie: Hanne Tersmette, Vogelbescherming Nederland, 31 augustus 2021
Beeld: Shutterstock

image

‘Natuurinclusief bouwen als randvoorwaarde in het totaal’

Op dinsdag 22 juni vond het online symposium ‘Heel Brabant bouwt natuurinclusief!’ plaats. Centraal tijdens de plenaire sessies en de workshops stond natuurlijk het natuurinclusief bouwen, maar ook het natuurinclusief inrichten van de omgeving.

image

"We moeten ecosystemen bouwen"

Als het aan landschapsontwerper Nina Ravestein ligt, wordt natuurinclusief bouwen de norm. In 2019 ontving ze de Natuurinclusief Bouwen Award vanwege haar inzet om de bouwwereld meer in balans te brengen met de natuur. Dit jaar is zij een van onze juryleden.

image

Kiezen voor een natuurinclusief leven

‘Natuurinclusief’ als de gewoonste zaak van de wereld, zo ziet Eddy Nieuwstraten de toekomst. Tot het zover is, zijn er inspirerende projecten nodig die deze ontwikkeling kunnen aanjagen. Als jurylid van de Award Natuurinclusief bouwen & ontwerpen 2021 let hij extra op inzendingen met die kwaliteit.

image

Tuinbuurt Vrijlandt proeftuin voor natuurinclusief bouwen

Ballast Nedam Development ontwikkelt in Rotterdam Tuinbuurt Vrijlandt, een nieuwe natuurinclusieve inbreidingswijk met 290 woningen. Paul Splinter (KAN) ging in gesprek met de betrokkenen.

Alle van nature in het wild levende vogels en vleermuizen zijn strikt beschermd. Voor aanvang van bouw- en renovatiewerkzaamheden is het van belang rekening te houden met de wettelijke vereisten die voortvloeien uit de Wet natuurbescherming.

Meld je aan voor de nieuwsbrief